Johanna duikt in innovatie in de publieke sector: misverstanden over Design Thinking

Met de opkomst van nieuwe technologie introduceren veel organisaties een heel scala aan nieuwe innovatiemethodieken en -werkwijzen. Denk bijvoorbeeld aan Design Thinking. Die kom je steeds vaker tegen in publieke organisaties. Door het mensgerichte, experimentele en samenwerkingsgeschikte karakter leent Design Thinking zich erg goed voor het ontwikkelen van innovatieve oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken. Denk bijvoorbeeld aan het maatschappelijk activeren van jongeren, mogelijk maken dat ouderen langer thuis kunnen wonen of het vergroten van saamhorigheid in buurten. Ook in interne organisatievraagstukken kun je met Design Thinking mooie resultaten boeken. Onlangs namen we zelf weer eens de proef op de som. 

In aanloop naar de sessie Design Thinking onlangs bij ons op kantoor (onder leiding van Kickstart Your Social Impact) maakte ik weer eens een ‘rondje langs de velden’ met betrekking tot Design Thinking. Daar ontdekte ik drie misverstanden over Design Thinking die ik graag met je deel. 

Misverstand 1: Design Thinking is alleen voor creatieve mensen

De term ‘Design thinking’ komt op sommige mensen intimiderend over. Je kunt daardoor het idee hebben dat Design Thinking alleen is weggelegd voor designers en (andere) creatieve geesten. Dat is een misverstand. Het leuke aan Design Thinking is volgens mij namelijk dat iedereen het kan leren en ermee aan de slag kan. Sterker nog, het combineert juist verschillende voorkeuren en kwaliteiten vanuit een gestructureerd proces en een gemeenschappelijke taal. Dat maakt slim en doelgericht innoveren mogelijk.  Vanuit Hiemstra & De Vries werken we veel met persoonlijke voorkeuren en kenmerken op basis van Insights Discovery. In de verschillende fasen van Design Thinking ‘Emphatize’, ‘Define’, ‘Ideate’ ‘Prototype’ en ‘Test’ heb je, in Insights-termen, juist de verschillende kleuren nodig. Als je dat als basis neemt, zie je bijvoorbeeld als volgt hoe je die diversiteit aan mensen goed kunt gebruiken.

Design thinking insights discovery

 

Misverstand 2: Design Thinking is alleen geschikt voor productontwikkeling

Veel mensen vinden het moeilijk om Design Thinking toe te passen wanneer je geen tastbaar product ontwikkelt. Toch is Design Thinking ook heel geschikt voor het herontwerpen van interne processen, verbeteren van dienst- en hulpverlening of de inrichting van de openbare ruimte. Denk bijvoorbeeld aan de inrichting van het subsidieproces van een gemeente, het ontwikkelen van een introductieprogramma voor nieuwe medewerkers of het inrichten van een stadspark. Centrale vraag is daarbij hetzelfde als bij productontwikkeling: wie is de eindgebruiker?

We merken dat alleen al het stellen van die vraag tot nieuwe inzichten leidt. Is een subsidieaanvraag alleen voor particulieren of ook voor verenigingen en wat te denken van ondernemers? Door verschillende typen eindgebruikers te onderscheiden en te betrekken, vergroot je de kans dat je slimme ideeën ontwikkelt die leiden tot daadwerkelijke impact.

Misverstand 3: Met Design Thinking is succes gegarandeerd

Design Thinking heeft een grote aantrekkingskracht, maar is zeker geen ‘magic trick’. Het vraagt goede procesbegeleiding en de juiste aandacht voor wat zich voordoet in het moment. Goede voorbereiding en bijsturen tijdens het proces is vaak hard nodig. In het boek ‘Doen Denken’ beschrijft Vera Winthagen dat het vak van Design Thinkers overeenkomsten toont met die van veranderkundigen. ‘Ik wil eigenlijk zeggen dat de manieren van werken van ontwerpers stiekem veel interventies in zich hebben die ook bij veranderkundigen terugkomen. Bij ons zie je echter vaak alleen dat nieuwe flesje, die nieuwe vaas of de website zelf terwijl het proces erachter onzichtbaar blijft’, stelt zij.

In elk Design Thinking-proces komt het gevoel van wanhoop een aantal keer voor. Vaak gaat het daarna de goede kant op. Denk bijvoorbeeld aan het moment waarop de deelnemers het niet eens worden over de probleemdefinitie, de individuele belangen van deelnemers de boventoon voeren of de feedback op de eerste ontwerpen niet mals is. Wie dan niet opgeeft maar reflecteert en doorgaat, komt verder. Hier geldt dus ‘zonder wrijving, geen glans’ of met andere woorden: ‘zonder nieuwe inzichten, geen innovatie’.

Tot slot is Design Thinking vooral geschikt voor het aanpakken van complexe problemen waar meer inzicht in het menselijk gedrag nodig is om een doorbraak te creëren. Wanneer het probleem afgebakend is en er bewezen oplossingen bestaan is het niet nodig deze methodiek te gebruiken. Sterker nog: Design Thinking kan dan als excuus worden gebruikt om geen keuzes te maken en bijvoorbeeld geen middelen of capaciteit vrij te maken voor de implementatie.  

Innoveren in publieke organisaties

Doorpraten over wat werkt of niet werkt als het gaat om innoveren in jouw organisatie? Welk ‘gereedschap’ zet(te) je zelf wanneer in met welk doel? Iets anders delen? Lijkt me leuk. Neem dan contact op!