DIGITALE DECENTRALE EENHEIDSSTAAT
Om de problemen die de publieke sector ondervindt met het mechanisch organiseren en sturen op te lossen en de organische visie een nieuwe invulling te geven, biedt de digitale revolutie een kans. In 2011 schetste Tim O’Reilly het idee van Government as a Platform. De kern daarvan is dat de digitale onderkant van de overheid één samenhangend geheel is waar eigenstandige onderdelen door standaardisatie van data en het gezamenlijk ontwikkelen van services zoals betalingssystemen en chatbots een geheel vormen. In de geest van Thorbecke wordt decentrale autonomie verenigd met de digitale innovatiekracht van het geheel. Dit idee staat ook centraal in het realisatieplan voor het federatief datastelsel als onderdeel van de Interbestuurlijke Datastrategie (2021).
Vanuit deze visie zou digitalisering ertoe leiden dat allerlei periodieke rapportages en onderzoeken worden vervangen door direct inzicht in de gezamenlijke uitvoering. De voormalig president van de Algemene Rekenkamer Arno Visser uitte in zijn essay De donkere kant van de maan (2022) nog zijn onvrede over het ontbreken van inzicht in de aard en omvang van milieuovertredingen in Nederland: ‘Er is geen zicht op de veelplegers onder de bedrijven. En geen zicht op de effectiviteit van sancties, noch op tekortkomingen in toezicht en handhaving’. Door gebruik te maken van een digitaal fundament zouden professionals en bestuurders kunnen zien in welke regio’s de problemen het grootst zijn en welke sancties wel en niet werken.
Waar in de mechanische visie de focus op de individuele organisatie ligt, benadrukt de organische visie juist de innovatiekracht van samenwerkende organisaties in het openbaar bestuur. Hiervan is de innovatie in het parkeertoezicht een voorbeeld. Enkele gemeenten maakten samen met de Dienst Wegverkeer (RDW) het Nationaal Parkeer Register (NPR), een landelijke database waarin alle actuele parkeerrechten per kenteken staan. Het digitale platform heeft veel voordelen. Inwoners kunnen betalen voor de daadwerkelijke geparkeerde tijd. Gemeenten kunnen veel efficiënter parkeertoezicht uitvoeren met camera-auto’s. Bedrijven kunnen – op basis van de open data parkeerinformatie – andere services te bieden via apps, navigatiesystemen en websites. Dit soort systeemsprongen hebben nu al geleid tot betere dienstverlening én grote productiviteitswinst in de publieke sector.
DIGITALISEREN ALS RISICO
Digitalisering vormt niet alleen een kans maar ook een risico voor de publieke sector wanneer digitale technologie alleen wordt gebruikt om de huidige mechanische manier van sturen en organiseren te versterken. Illustratief is de voortdurend groeiende hoeveelheid digitale documenten die colleges, managementteams en de ministerraad elke week behandelen. Papieren stapels documenten zijn inmiddels vervangen door nog meer documenten maar dan digitaal. De ambitie zou juist moeten zijn: minder documenten, meer samenhangend inzicht en betere besluitvorming.
De wet van Melvin Conway (1968) stelt dat organisaties vooral de bestaande werkwijze digitaliseren in plaats van innoveren. Een kostbaar voorbeeld van deze wet is de decentralisatie van taken in het sociaal domein. Rijksoverheid en gemeenten zorgden niet vanuit een organische visie samen voor de digitale eenheid in het sociaal domein, maar gemeenten gingen juist zelfstandig administraties inrichten en digitaliseren. Hierdoor zijn de data niet vergelijkbaar, is leren van elkaar lastig en is diensteninnovatie op landelijke schaal onmogelijk. Het gevolg van deze mechanische manier van digitaliseren is ook dat de overheid en de zorgaanbieders in Nederland volgens een onderzoek van Berenschot in 2019 bijna een derde van het budget besteden aan administratieve en coördinatiekosten voor de uitvoering van de WMO en jeugdzorg.
GRENZEN BEREIKT
Nu hebben publieke organisaties digitalisering wel degelijk op de agenda staan. Er zijn visies op digitalisering en digitale transformatie, innovatie- en datalabs, CIO-offices en veel innovatieprojecten. Daarnaast werken verschillende beroepsgroepen aan data-standaardisatie. Projecten zoals het maken van digitale tweelingen zouden een basis kunnen zijn voor nieuwe manieren van werken. Deze projecten vinden op dit moment echter vooral naast de bestaande mechanische organisatie- en sturingspraktijk plaats.
Ondertussen loopt de publieke sector tegen de grenzen aan van het mechanische organiseren en sturen. Ambities realiseren met nog méér beleid, méér geld en méér personeel werkt niet meer. Het toevoegen van meer nieuwe organisaties, beleid, programma’s, meldpunten en actieplannen heeft beperkt meerwaarde en er is personeelsschaarste. Dat we de grens hebben bereikt van het mechanische organiseren en sturen blijkt ook uit de cijfers. We zouden verwachten dat door de huidige digitale mogelijkheden de productiviteit in de publieke sector toeneemt. Dit is niet het geval. Uit een onderzoek van IPSE Studies (2019) over de periode 2012 tot 2019 blijkt bijvoorbeeld dat de productiviteit op de kerndepartementen niet groeit. Ook groeide in de periode 2016 tot 2021 alleen al bij de rijksoverheid het aantal ambtenaren van 109.581 tot 131.100 en verdubbelde de inhuur van externen. Dezelfde ontwikkeling zien we bij provincies en gemeenten. Deze groei wordt de komende jaren onhoudbaar omdat er budgettair krappere tijden aankomen. Daarom is het nu de tijd om te bepalen hoe de transformatiekracht van digitalisering beter kan worden benut en de mechanische wijze van organiseren en sturen kan worden beperkt.
MOMENT VAN REFLECTIE
De problemen van vandaag worden niet opgelost in de context waarin ze zijn ontstaan. Juist in deze tijd van hoge werkdruk en hoge ambities is het daarom tijd voor bezinning. Is ons eigen mechanisch denken mede de oorzaak van de stagnatie? Zoeken we oplossingen niet te snel in nieuwe plannen, geld, structuren en mensen? Wordt digitalisering teveel ingezet als innovatietheater? Wanneer we de innovatiekracht van digitalisering beter weten te benutten, kunnen we de organische visie van Thorbecke nieuw leven inblazen.
Dit is het tweede essay van Jaring Hiemstra. Het eerste essay Maak het eenvoudig in 2023, verscheen in Binnenlands Bestuur in 2023.