Helpt beter presteren!

De subsidiepot voorbij: het verduurzamen van publiek-private samenwerking

De aantrekkende economie zorgt ervoor dat we steeds vaker in de file staan, zo blijkt uit de Publieksrapportage Rijkswegennet. De hoeveelheid files is sinds eind 2014 dan ook gestegen. Om de bereikbaarheid van Nederland over weg, water en spoor te verbeteren, werken het ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M), regio's en bedrijfsleven al vanaf 2011 samen in het programma Beter Benutten. Kern van het programma is om tijdens de spits slimmer gebruik te maken van bestaande infrastructuur in de drukste gebieden van de twaalf regio’s van ons land. Want met alleen asfalt houden we onze steden niet bereikbaar. Een belangrijke pijler van het programma is de samenwerking met werkgevers: door met hen afspraken te maken over bijvoorbeeld het Nieuwe Werken of het financieren van e-bikes, dragen zij op hun eigen manier bij aan de bereikbaarheid van hun stad. Elk van de regio’s hanteert hiervoor een eigen regionale aanpak met (meestal) een eigen werkgeversnetwerk.

Gesprekken met regionale publieke organisaties en werkgevers

Voor de komende jaren heeft het ministerie de ambitie om de aanpak te verduurzamen: ze wil de opgebouwde regionale netwerken ook in de toekomst in kunnen blijven zetten, zonder volledig afhankelijk te zijn van (Rijks)overheidssubsidie. Het is de intentie dat de markt het meer overneemt. Het ministerie heeft ons gevraagd hen te adviseren over deze transitie en de rol van de Rijksoverheid in dat proces. Om hierover een beeld te vormen hebben wij gesprekken gevoerd met zowel betrokken publieke organisaties als de werkgevers, verspreid over de 12 Beter Benutten regio’s in ons land. We hebben ze bevraagd over hun ervaringen van de afgelopen jaren, hun beelden voor de toekomst en de rol die zij van de Rijksoverheid in de transitie verwachten. 

Lessen voor toekomst

De gesprekken hebben waardevolle inzichten opgeleverd op basis waarvan I&M samen met de regio’s de verduurzaming van de werkgeversaanpak tot stand gaat brengen. Bovendien zijn hieruit bruikbare lessen te trekken voor publiek-private samenwerkingsprogramma’s in een breder werkveld.

  1. Bedrijven zoeken elkaar niet zomaar op: als het publiek-private netwerk niet tot de core-business van bedrijven behoort, zoals bereikbaarheid in dit geval, is er altijd een structuur én procesbegeleiding nodig die partijen verbindt en aanjaagt, en zodoende een stimulerende rol speelt in dit proces. Het ligt voor de hand dat de regionale overheid hierin een rol speelt.
  2. Sterker aansluiten bij de strategische doelen van bedrijven om hen (mede)eigenaar te maken van de samenwerking: om per regio een publiek-privaat netwerk te behouden dat minder afhankelijk is van overheidssubsidie, is het nodig dat er een bredere thematische samenwerking tot stand wordt gebracht die goed aansluit bij de doelen van de werkgevers (hierbij valt naast bereikbaarheid te denken aan bijvoorbeeld duurzaamheid en vitaliteit). Alleen dan behoud je een netwerk waar werkgevers zich ook structureel eigenaar van voelen. 
  3. Andere motivatie dan subsidies zijn noodzakelijk om het netwerk in stand te houden: de aanpak van de (Rijks)overheid is van oudsher gestoeld op een financiële prikkel, maar die tijd is veranderd. Het is een illusie dat subsidiepotjes (bijvoorbeeld voor e-bikes) het dagelijks handelen van bedrijven substantieel veranderen. Als bedrijven een (bereikbaarheids)probleem hebben binnen hun eigen bedrijf lossen ze het zelf wel op; daar hebben ze geen overheid voor nodig. Om van het werkgeversnetwerk ook in toekomst van waarde te laten zijn, moet de overheid op zoek naar andere vormen van ondersteuning (zie onderstaande punt).
  4. Faciliterende voorwaarden vanuit het Rijk: van de Rijksoverheid wordt een meer praktisch faciliterende rol verwacht in samenwerkingsprocessen. Hierbij valt te denken aan samenwerking tussen ministeries voor aanpassen regelgeving en verbreding thema’s, het bieden van een (landelijk) podium ondersteuning bij regio-overstijgende problemen en kennisdeling. Juist door daarop in te zetten, blijft de Rijksoverheid een speler van belang.

Kortom: duurzame samenwerking met werkgevers vraagt om een transitie van een sturende aanpak op (bereikbaarheids)doelstellingen en geld naar een ondersteunende aanpak van de (Rijks)overheid.

Meer weten? Abonneer je op onze LinkedIn-pagina.


Deel: