Helpt beter presteren!

Schooluitval 18+: aanpak op de juiste plaats!

Jaarlijks stoppen ruim 27.000 jongeren met hun opleiding zonder dat zij een startkwalificatie halen. Vanaf 18 jaar is er geen wettelijke verplichting meer om een startkwalificatie te halen. Wel hebben de gemeenten de verplichting zich in te spannen om de jongeren in beeld te hebben en waar mogelijk naar een startkwalificatie te begeleiden. Deze taak wordt belegd in de RMC-functie die in meer of mindere mate regionaal is belegd.

De gemeente Amersfoort heeft ons gevraagd concrete adviezen te geven over de positionering en uitvoering van de coördinatie voor RMC. Met name duidelijkheid over invulling van de verschillende taken, rollen en verantwoordelijkheden is gewenst, zodat er betere resultaten gehaald kunnen worden met betrekking tot VSV’ers.

Vertrekkend vanuit de overtuiging dat de meeste kennis over de huidige inrichting bij de betrokken partijen zit, was onze eerste stap in het proces het ophalen van input bij de betrokken partijen (scholen, gemeenten en trajectbureau). Op basis van deze interviews zijn een aantal modellen en scenario’s uitgewerkt die vervolgens in werksessies met de betrokken partners verder zijn aangescherpt.

Uitgangspunten voor een effectieve aanpak

Het resultaat is een adviesrapport dat vertrekt vanuit een aantal uitgangspunten over de inrichting van de RMC-functie. Een aantal kernconclusies die breder toepasbaar zijn dan in regio Eem staan hieronder beschreven.

  1. Houd scholen primair verantwoordelijk voor het op school houden van jongeren (de preventieve activiteiten).
  2. Focus voor regionale samenwerking op RMC trajectbegeleiding op de meest kansrijke doelgroepen: jongeren in het MBO die of nog op school zitten en dreigen uit te vallen of jongeren die net uitgevallen zijn (maximaal drie maanden). Kies voor de aanpak van oud-VSV’ers als individuele gemeente voor een eigen aanpak (passend bij de lokale vormgeving van de uitvoering in het sociale domein). 
  3. Maak resultaatafspraken met de MBO’s dat voorafgaand aan elke uitschrijving altijd een perspectiefgesprek is gevoerd met de leerling en een onafhankelijke regionale trajectbegeleider. 
  4. Richt regionale trajectbegeleiding in als een specialistische functie en beleg zorgregie bij de generalist of een wijk- of schoolteam. Bepaal bij het perspectiefgesprek gezamenlijk wat nodig is, om een jongere te begeleiden naar zelfredzaamheid in de toekomst.

Deel: