Helpt beter presteren!

Wijkteams en Werk & Inkomen: kansen door samenwerking

Werk en inkomen zijn cruciaal om het beroep op zorg te verkleinen. Dat is de uitdaging waar elke gemeente voor staat: bezuinigen op zorg door de vraag naar zorg te voorkomen in plaats van minder zorg te leveren wanneer er wel vraag naar is. Al jaren wijzen onderzoeken uit dat het hebben van werk en een inkomen waar men van rond kan komen, het beroep op zorg verkleint.

In de gemeenten waar wij wijkteams hebben opgezet en geleid, zagen we van heel dichtbij hoe financiële zorgen het beroep op zorg vergroten en in stand houden. Zodra mensen niet meer dagelijks zorgen hebben of ze het eten voor hun gezin wel kunnen betalen of binnenkort hun huis uitgezet kunnen worden, ontstaat er pas ruimte om te werken aan de gezinsproblematiek. Dan kan de hulpverlener uit het wijkteam het hulpverleningstraject effectiever en sneller uitvoeren en duurt de begeleiding korter.

Samenwerking tussen het wijkteam en de medewerkers van Werk en Inkomen is dan ook cruciaal. Niet door de inkomensconsulenten of klantmanagers te integreren in het wijkteam. Want in wijkteams zitten professionele hulpverleners die huishoudens begeleiden om weer zelfredzaam te worden. Altijd maatwerk en doen wat nodig is en op wijkniveau ingericht. De kracht van een goed presterende afdeling Werk en Inkomen is juist ook standaardisatie van werkprocessen en centralisatie (dus stedelijk en soms zelfs regionaal georganiseerd). Zij zijn geen generalistische hulpverlener die past in een wijkteam.

Hoe kan samenwerking tussen wijkteams en Werk en Inkomen er dan uitzien? In de gemeente Amersfoort doen we dat onder andere door:

  • klantmanagers en trajectbegeleiders goed te informeren over wat het wijkteam kan en doet
  • wijkteams goed te informeren over hoe de afdeling Werk en Inkomen werkt en binnen welke wettelijke context zij opereren en wat hun mogelijkheden tot maatwerk zijn (en die mogelijkheden zijn best groot)
  • in dit wederzijds informeren te onderstrepen dat de doelstellingen hetzelfde zijn: mensen zelfredzaam maken. Tegelijkertijd ervaren we dat het blijven werken aan wederzijds begrip belangrijk is: wijkteammedewerkers zoeken naar kwalitatieve, het liefst snelle oplossingen op maat. Soms is dat wettelijk gezien niet mogelijk of niet wenselijk, soms vraagt het om gezamenlijk op een andere manier naar het vraagstuk te kijken.
  • vaste contactpersonen vanuit Werk en Inkomen aan wijkteams koppelen. Zij vormen de ‘ingang’ naar de klantmanagers van cliënten van het wijkteam. Tevens zijn zij vraagbaak bij inkomensproblemen; er is immers bij financiële problemen niet altijd sprake van een bijstandsuitkering en dus klantrelatie met Werk en Inkomen. De zogenaamde minimacoaches kunnen met een wijkteamlid mee naar een huishouden om adviezen te geven om de financiële situatie te verbeteren (bijvoorbeeld over het aanvragen van toeslagen).
  • de afspraak dat een bijstandsuitkering van een cliënt van het wijkteam niet wordt stopgezet (om welke (wettelijk juiste) reden dan ook) zonder overleg vooraf met het wijkteamlid dat deze cliënt begeleidt.
  • de afspraak dat wijkteamleden fraude melden bij Werk en Inkomen, uiteraard nadat cliënt erop gewezen is en verzocht het zelf te melden; wijkteams zijn immers ook onderdeel van dezelfde gemeente die de uitkering verstrekt.
  • het inschakelen van trajectbegeleiders van Arbeidsintegratie door wijkteams voor dagbesteding/arbeidsparticipatie.
  • het inschakelen van het wijkteam door klantmanagers als zij zich zorgen maken over cliënten, bijvoorbeeld omdat zij niet komen opdagen op afspraken en mogelijke huisuitzetting zien aankomen. Het wijkteam gaat dan outreachend erop af.

Deel: